Placeholder
Onderzoek
Veerkracht

"Nieuwe colleges, nieuwe ambities – en dus ook nieuwe vragen over veerkracht."

Hoe kunnen gemeenten en corporaties verschillen tussen buurten beter begrijpen — en vertalen naar gerichte keuzes en een effectieve aanpak? Jeroen Frissen en Derk Windhausen van Circusvis vertellen hoe een verdiepend veerkrachtbeeld kan helpen.

Opdrachtgever
Circusvis
Download document
Download
Datum

Interview met Derk Windhausen en Jeroen Frissen

Nieuwe colleges werken aan ambities voor leefbaarheid, veiligheid, bestaanszekerheid en kansengelijkheid. Tegelijkertijd laten de Aedes-veerkrachtkaarten opnieuw zien dat de verschillen tussen buurten groot zijn – en dat juist in sommige buurten problemen zich opstapelen en versterken. Met de actualisatie van de kaarten naar 2024 én met het nieuwe door Circusvis ontwikkelde dashboard ‘Veerkracht verdiept’ is er meer basis dan voorheen om die verschillen niet alleen te signaleren, maar ook beter te duiden.

Want inzicht in waar de druk zit is noodzakelijk, maar nog niet voldoende. De echte opgave begint bij het begrijpen van wat er in buurten gebeurt, hoe buurten van elkaar verschillen en wat dat vraagt van keuzes in beleid, samenwerking en aanpak.

Waarom is veerkracht juist nu zo’n relevant thema?

Jeroen Frissen:
“De insteek van veerkracht helpt om blijvend en toekomstbestendig te werken aan thema’s als leefbaarheid, veiligheid, bestaanszekerheid en kansengelijkheid. Dat zijn grote bestuurlijke opgaven, maar in buurten grijpen ze direct op elkaar in.”

Derk Windhausen:
“En juist daarom raakt werken aan veerkracht meerdere domeinen tegelijk. Als je duurzaam iets wilt verbeteren, vraagt dat om samenwerking en afstemming tussen partijen.”

Jeroen Frissen:
“In de grote gebieden binnen het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid zie je dat daar inmiddels vaak een werkbare structuur voor is gevonden. Daarbuiten veel minder, terwijl de problematiek in vrijwel alle middelgrote en grotere steden actueel is.”

Derk Windhausen:
“Dan ontstaat al snel de neiging om eerst veel aandacht te richten op de vorm van de samenwerking. Dat is begrijpelijk, maar het risico is dat de daadwerkelijke inzet voor mensen in buurten daardoor vertraging oploopt.”

“De insteek van veerkracht helpt om blijvend en toekomstbestendig te werken aan leefbaarheid, veiligheid, bestaanszekerheid en kansengelijkheid.

Wat helpt om dan toch goed te starten?

Derk Windhausen:
“Onze ervaring is dat het enorm helpt om te beginnen met een inhoudelijke analyse die aansluit bij de beleving van alle betrokken partijen. Zo ontstaat een gezamenlijk vertrekpunt: wat is er aan de hand, wat vraagt dat van de buurt en wat lijkt nodig?”

Jeroen Frissen:
“Dat helpt niet alleen op de inhoud, maar ook in het gesprek over samenwerking. Want niet alle buurten en vraagstukken vragen om een zware programmatische opzet. Juist daarom geldt: vorm en structuur volgen inhoud.”

Hoe pakt Circusvis dat aan?

Jeroen Frissen:
“Wij doen dat met een uitgebreide, kwantitatieve veerkrachtanalyse die drie dingen oplevert. Ten eerste een zelfstandig leesbare rapportage die partijen kunnen gebruiken als inhoudelijk vertrekpunt voor hun samenwerking.”

Derk Windhausen:
“Ten tweede werken we drie buurtprofielen uit, inclusief een eerste fundament voor een effectieve verbeteraanpak. Daarmee krijgt het lokale gesprek meteen richting en voorkom je dat partijen blanco beginnen.”

Jeroen Frissen:
“Die aanzet baseren we niet alleen op de analyse van de data, maar ook op onze inmiddels jarenlange ervaring in heel veel steden. Juist die combinatie van inzicht en praktijkervaring helpt om sneller te zien welk type aanpak in een buurt kansrijk is.”

Derk Windhausen:
“En ten derde begeleiden we een strategische sessie waarin we de bevindingen delen en het eerste gesprek daarover tussen lokale samenwerkingspartners op gang brengen. Daarmee maak je echt de stap van inzicht naar gezamenlijke duiding en eigenaarschap.”

“Buurtprofielen met een fundament voor een effectieve verbeteraanpak geven het lokale gesprek een vliegende start.”
Voorbeeld van het dashboard Veerkracht verdiept (Circusvis).

Waarom is extra duiding nodig als de veerkrachtkaarten er al zijn?

Derk Windhausen:
“De kaarten laten goed zien waar de veerkracht onder druk staat en hoe buurten zich ontwikkelen. Maar kaarten spreken niet voor zichzelf.”

Jeroen Frissen:
“Daarom voorzien wij de lokale Aedes-veerkrachtkaarten van een bestuurlijke duiding. Per kaart draait het om twee vragen: hoe kijk je naar dit beeld? en wat zien wij hierin als betekenisvol voor deze gemeente of regio? Daarbij kijken we niet alleen naar 2024, maar ook naar de ontwikkeling sinds 2018 en naar de regionale context.”

Wat voegt ‘Veerkracht verdiept’ daaraan toe?

Jeroen Frissen:
“De veerkrachtkaarten laten vooral zien waar de druk zit. Met het nieuwe door Circusvis ontwikkelde dashboard ‘Veerkracht verdiept’proberen we beter te begrijpen waarom buurten van elkaar verschillen.”

Derk Windhausen:
“Dat dashboard brengt op CBS-buurtniveau kenmerken in beeld vanuit drie vormen van benodigd veerkrachtkapitaal: individueel, collectief en fysiek veerkrachtkapitaal. Daarmee kun je buurten binnen een stad ten opzichte van elkaar positioneren en terugkerende patronen zichtbaar maken.”

Jeroen Frissen:                                                          
“Het dashboard is gebaseerd op openbare data, met het landelijk gemiddelde als referentie, en biedt daarnaast ruimte om het beeld te verrijken met lokale data, bijvoorbeeld uit een buurtpeiling van de gemeente. Zo ontstaat een verdiept én lokaal relevant veerkrachtbeeld.”

“De veerkrachtkaarten laten zien waar de druk zit. ‘Veerkracht verdiept’ helpt begrijpen waarom buurten van elkaar verschillen.”

Waarom kiezen jullie niet altijd meteen voor verdiepend veldwerk?

Derk Windhausen:
“Een kwantitatieve analyse laat veel scherper zien waar verschillen zitten en welke patronen terugkeren, maar om echt te weten wat er speelt, is meer nodig.”

Jeroen Frissen:
“Je moet ook de wijk in, spreken met bewoners, professionals en lokale deskundigen. En je moet van beleidsmakers horen welke inzet er de afgelopen jaren is geweest om te begrijpen waarom dingen zijn zoals ze zijn.”

Derk Windhausen:
“Dat kwalitatieve werk zien wij dan ook als een noodzakelijke vervolgstap. Maar het helpt enorm als je die stap kunt vormgeven vanuit een gezamenlijk vertrekpunt. Dan kun je veel gerichter bepalen wat je nog wilt uitzoeken, met wie en waarom.”

“Kwalitatieve verdieping is een noodzakelijke vervolgstap — maar het helpt enorm als je die kunt vormgeven vanuit een gezamenlijk vertrekpunt.”

Wat is de rol van Circusvis hierin?

Jeroen Frissen:
“Circusvis is vanaf het begin nauw verbonden met het thema veerkrachtige wijken en buurten. Samen met In.Fact Research werken we sinds 2018 aan het onderzoek naar veerkracht in Nederlandse buurten en aan de ontwikkeling van de Aedes-veerkrachtkaarten.”

Derk Windhausen:
“In aanvulling daarop hebben we het dashboard ‘Veerkracht verdiept’ ontwikkeld en verder gebouwd aan een denkkader en handelingsperspectieven rond individueel, collectief en fysiek veerkrachtkapitaal. Juist door die combinatie van data-analyse, bestuurlijke duiding en praktijkervaring kunnen we helpen om van inzicht naar begrip te komen — en van begrip naar keuzes en een werkbaar fundament voor samenwerking en vervolg.”

Tot slot

Jeroen Frissen:
“Nieuwe bestuurlijke ambities vragen om een scherp en gedeeld beeld van wat buurten nodig hebben.”

Derk Windhausen:
“Een verdiepend veerkrachtbeeld kan helpen om die stap te zetten — en om van inzicht naar gerichte keuzes en gezamenlijke actie te komen.”